Zuivel

Rabobank: wereldwijde zuivelprijzen stijgen, Nederland blijft achter

Een duurzaam herstel van de melkprijs wordt door Rabobank pas verwacht wanneer de productie daadwerkelijk begint te dalen en dat ziet Rabobank in de komende drie maanden nog niet gebeuren
Een duurzaam herstel van de melkprijs wordt door Rabobank pas verwacht wanneer de productie daadwerkelijk begint te dalen en dat ziet Rabobank in de komende drie maanden nog niet gebeuren

De wereldwijde zuivelprijzen zitten in de lift, ondanks een historisch sterke groei van de melkproductie. Maar voor Nederlandse melkveehouders is de kans op een verdere daling van de melkprijs in de komende maanden groter dan op een snelle stijging, meldt Rabobank in een nieuwe zuivelupdate. 

Voor Nederlandse melkveehouders ligt de melkprijs inmiddels 10 cent onder de langjarige begrotingsuitgangspunten van Rabobank, terwijl deze vorig jaar nog 10 cent daarboven lag. Dat verschil van circa 20 cent per kilo melk heeft een grote impact op de liquiditeit en investeringsruimte, blijkt uit de nieuwste zuivelupdate van Rabobank. Tegelijkertijd staat de mestmarkt onder druk en zorgen voorjaarskosten voor extra financiële belasting. Hoewel veel bedrijven dankzij buffers uit 2025 voorlopig standhouden, vraagt de huidige marktsituatie volgens Rabobank om scherpe liquiditeitsplanning en alert ondernemerschap.

Komende drie maanden geen herstel

Een duurzaam herstel van de melkprijs wordt door Rabobank pas verwacht wanneer de productie daadwerkelijk begint te dalen en dat ziet Rabobank in de komende drie maanden nog niet gebeuren. De bank verwacht hogere prijzen eerder aan het einde van dit jaar, als er door lage melkprijzen meer koeien worden geslacht waardoor de melkproductie daalt. 

Wereldwijd recordhoeveelheden melk

Wereldwijd stijgen de zuivelprijzen juist. Dat is volgens Rabobank opvallend, omdat ook de wereldwijde melkproductie toeneemt. De gezamenlijke melkproductie van de zeven grootste exportregio’s kwam in 2025 uit op 332 miljoen ton, 2,7 procent meer dan in 2024. In het vierde kwartaal bedroeg de groei zelfs 4 procent — de sterkste stijging sinds 2014. Australië vormt een uitzondering en laat door de aanhoudende droogte geen groei zien. Inmiddels vlakt de groei in onder meer de Verenigde Staten, Nieuw-Zeeland en Zuid-Amerikaanse exportlanden wel af. 

Europa produceert stevig door

Ook Europa produceert fors meer melk, al lijkt de groei ook hier – weliswaar minder snel dan in de rest van de wereld – af te vlakken. In december lag de aanvoer 5,6 procent hoger en in Nederland steeg de productie in januari met 6 procent. Frankrijk en Duitsland laten eveneens stevige groeicijfers zien. De extra melk wordt vooral verwerkt tot boter en melkpoeder, waardoor Europese magere melkpoeder momenteel zeer concurrerend is op de wereldmarkt.

Sterke vraag uit Azië stuwt prijzen

Ondanks het grote aanbod stijgen de prijzen door extra vraag, vooral uit China en Zuidoost-Azië, onder meer door het Chinees nieuwjaar en de ramadan. Deze seizoenspieken zorgen traditiegetrouw voor extra import. Daarnaast is Algerije weer actief op de wereldmarkt voor melkpoeder. Lage voorraden versterken het prijseffect van deze vraagtoename. Volgens Rabobank is de vraag echter hoe lang dit aanhoudt. Seizoensgebonden vraag kan het ruime aanbod slechts tijdelijk in balans brengen. Een blijvende prijsstijging vraagt uiteindelijk om een lagere melkaanvoer.

Nieuw-Zeeland profiteert, Europa verliest terrein

Vooral Nieuw-Zeeland, dat dankzij gunstige handelsverdragen en de nabijheid tot Azië beter kan inspelen op de extra vraag, profiteert volgens Rabobank vooralsnog van de stijgende prijzen. Omgerekend wijzen termijnprijzen daar op een melkprijs van circa 48 euro per 100 kilo in 2026, tegenover ongeveer 39 euro in Europa en de VS. Europa heeft juist te maken met extra Chinese importtarieven op kaas en room.

Geopolitieke spanningen vergroten onzekerheid

Ook geopolitieke ontwikkelingen zorgen voor onrust. De dreiging van een blokkade van de Straat van Hormuz door Iran raakt de zuivelexport naar verschillende Golfstaten. Deze landen zijn samen goed voor 410 miljoen euro aan Europese zuivelexport. Daarnaast leiden stijgende olieprijzen en hogere verzekeringspremies tot extra handelskosten.

In de Verenigde Staten zorgt juridische onzekerheid over importtarieven eveneens voor spanning op de markt. Nieuwe, eenzijdig ingevoerde heffingen kunnen de handelsrelatie met Europa opnieuw onder druk zetten.

Korte termijn risico op prijsdaling

Hoewel de prijzen van boter en melkpoeder recent zijn gestegen, reageren melkprijzen doorgaans met vertraging. In Nederland is het verschil tussen de uitbetaalde melkprijs en de theoretische waarde inmiddels teruggelopen tot circa 2 cent per kilo, iets boven het historisch gemiddelde. In Duitsland is dat verschil groter, wat ruimte laat voor neerwaartse correcties aangezien Friesland Campina haar garantieprijs hier grotendeels op baseert.

Rabobank verwacht daarom dat de kans op een prijsdaling in de komende drie maanden groter is dan op een verdere stijging. Een duurzaam herstel van de zuivelmarkt wordt pas voorzien in de tweede helft van 2026, wanneer de melkaanvoer daadwerkelijk gaat dalen.