Melkureum in 2020 fors gedaald


Het gemiddeld kiemgetal in tankmelk lag vorig jaar 3000 kve hoger dan in 2019.
woensdag, 3 februari, 2021

Nederlandse melkveehouders leverden in 2020 melk af met gemiddeld 21,6 milligram ureum per 100 gram melk.

Dat is opmerkelijk veel minder dan het gemiddelde over de afgelopen zeven jaar dat rond de 22,5 schommelde met variaties tussen de 22,2 en 23,1. Dit concludeert Qlip op basis van een analyse van de tankleveringen.

Invloed weer of stikstofdebat

Een echte verklaring voor de forse daling van het ureumgetal geeft Qlip niet. Wel noemt het onderzoekslaboratorium een aantal mogelijke oorzaken. Zo zou het feit dat koeien door de warmte en droogte in de zomer meer op stal zijn bijgevoerd een rol kunnen spelen. Ook zijn koeien in de herfst mogelijk eerder opgestald. En tenslotte oppert Qlip de mogelijkheid dat veehouders onder invloed van het stikstofdebat scherper zijn gaan voeren op eiwit.

Hoger kiemgetal

Overigens toont een aantal parameters voor de melkkwaliteit een wat minder gunstige ontwikkeling. Zo zag Qlip een toename van het enkelvoudig kiemgetal van gemiddeld 10.400 kolonievormende eenheden (kve) in 2019 naar 13.400 kve in 2020. Geometrisch steeg de waarde met 400 kve naar 11.200 kve.  Het celgetal steeg licht: van gemiddeld 176.000 in 2019 naar 182.000 in 2020. Het aantal kortingsgevallen vanwege residuen van antibiotica daalde naar 0,011 procent. Het percentage tankmelkmonsters met boterzuur stabiliseerde op 5,46 procent met een uitslag +/- en 0,60% met een uitslag ++.

 


0 reacties

Het gemiddeld kiemgetal in tankmelk lag vorig jaar 3000 kve hoger dan in 2019.
woensdag, 3 februari, 2021

Nederlandse melkveehouders leverden in 2020 melk af met gemiddeld 21,6 milligram ureum per 100 gram melk.

Dat is opmerkelijk veel minder dan het gemiddelde over de afgelopen zeven jaar dat rond de 22,5 schommelde met variaties tussen de 22,2 en 23,1. Dit concludeert Qlip op basis van een analyse van de tankleveringen.

Invloed weer of stikstofdebat

Een echte verklaring voor de forse daling van het ureumgetal geeft Qlip niet. Wel noemt het onderzoekslaboratorium een aantal mogelijke oorzaken. Zo zou het feit dat koeien door de warmte en droogte in de zomer meer op stal zijn bijgevoerd een rol kunnen spelen. Ook zijn koeien in de herfst mogelijk eerder opgestald. En tenslotte oppert Qlip de mogelijkheid dat veehouders onder invloed van het stikstofdebat scherper zijn gaan voeren op eiwit.

Hoger kiemgetal

Overigens toont een aantal parameters voor de melkkwaliteit een wat minder gunstige ontwikkeling. Zo zag Qlip een toename van het enkelvoudig kiemgetal van gemiddeld 10.400 kolonievormende eenheden (kve) in 2019 naar 13.400 kve in 2020. Geometrisch steeg de waarde met 400 kve naar 11.200 kve.  Het celgetal steeg licht: van gemiddeld 176.000 in 2019 naar 182.000 in 2020. Het aantal kortingsgevallen vanwege residuen van antibiotica daalde naar 0,011 procent. Het percentage tankmelkmonsters met boterzuur stabiliseerde op 5,46 procent met een uitslag +/- en 0,60% met een uitslag ++.

 

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.