Topkoeien

Rebekka 4394 was eerder tientonner dan honderdtonner

Met een levensproductie van 100.461 kg melk met 6,10% vet en 3,92% eiwit passeerde Rebekka 4394 eerder de tien ton vet en eiwit dan de honderd ton melk (foto: Wout Klein Breteler)
Met een levensproductie van 100.461 kg melk met 6,10% vet en 3,92% eiwit passeerde Rebekka 4394 eerder de tien ton vet en eiwit dan de honderd ton melk (foto: Wout Klein Breteler)

Met gehaltes van 6,10 procent vet en 3,92 procent eiwit passeerde Rebekka 4394 van maatschap Bleumink-Harbers-Goossens uit Beltrum onlangs de levensproductiegrens van 100.000 kg melk. Dit betekent dat ze eerder tientonner was dan honderdtonner.

In de lange geschiedenis van de melkcontrole lukte het eerder slechts twee Nederlandse koeien en een Vlaamse koe om sneller de tien ton vet en eiwit dan de honderd ton melk vol te maken.

Veertig jaar gehaltefokkerij

‘Levensduur is een sterk kenmerk van de Rebekka-koefamilie. En ik fok al veertig jaar op gehaltes’, geeft melkveehouder Robert Bleumink als verklaring voor de unieke prestatie van Rebekka 4394. Samen met zijn vrouw Jacqueline, dochter Sanne en schoonzoon Berend Goossens beheert hij een bedrijf met 160 roodbonte koeien. De fokkerij op gehaltes is zichtbaar in het rollend jaargemiddelde van ongeveer 8.800 kg melk met 5,00% vet en 3,80% eiwit.

Al jaren driespeen

Een groot deel van de honderd ton melk en tien ton vet en eiwit produceerde Rebekka 4394 met drie spenen. ‘Vijf jaar geleden raakte een van haar spenen onherstelbaar beschadigd toen ze zichzelf betrapte. Later gebeurde dat nog een paar keer, maar toen hebben we de speen steeds wel kunnen behouden’, vertelt Bleumink. Ook als driespeen bleef de Brandy-dochter sterk produceren met lactatiewaardes van rond de 130. 

De bijzondere dertienjarige tientonner is een dochter van de stier De Vrendt Brandy uit een Kian-moeder. ‘Ze is een kleine, platte en brede koe met een beste uier en sterk beenwerk’, vertelt Bleumink. Rebekka 4394 werd als tweedekalfskoe ingeschreven met 87 punten voor algemeen voorkomen. 

Drie tientonners uit één koe

Nummer 4394 is niet de eerste Rebekka die opvalt met een bijzondere prestatie. Zo haalde de familie Bleumink eerder de publiciteit met een drietal nichtjes van hun huidige topkoe. Dat waren de Rebekka’s nummer 3515 (v. Marty), 2886 (v. Stadel) en 2658 (v. Marty). De zussen behaalden alle drie een levensproductie van meer dan tien ton vet en eiwit, ook al een unieke prestatie. Hun moeder werd zestien jaar oud, maar haalde de tien ton vet en eiwit net niet. ‘Uit deze koe kregen we, zonder embryotransplantatie, zeven dochters van gehaltevererver Marty aan de melk. De eerste deed het zo goed dat we haar met Marty zijn blijven paren. Speciaal voor deze Rebekka hebben we nog de laatste twintig rietjes Marty op de kop kunnen tikken’, vertelde Robert destijds in Veeteelt.

Op naar een stal vol Rebekka’s

Veel directe vrouwelijke nafok van hun tientonner heeft de familie Bleumink niet. In de kalverstal loopt een vaarskalf van Delta Fond PP en de veehouders melken een goede vaars van de fleckviehstier BFG Vollrad. ‘We hebben van Rebekka 4394 meerder zonen aangehouden en op ons eigen bedrijf als dekstier ingezet. De dochters van deze stieren hebben ook allemaal hoge gehaltes’, stelt Robert vast. ‘Inmiddels stammen bijna al onze koeien via hun vader of moeder af van een Rebekka. We zeggen wel eens dat we van koeien als Rebekka 4394 wel een stal vol zouden willen hebben’, grapt de veehouder. ‘Met zo veel Rebekka-bloed zijn we aardig op weg...’