Topkoeien

Drie tientonners in één mpr op melkveebedrijf Batenburg

Van links naar rechts: Batenburg Marie 2169 (v. Shogun), Batenburg Galto 2177 (v. Fidelity) en Batenburg Ginster 2164 (v. Surprise) waren in één mpr samen goed voor een levensproductie van 30.000 kg vet en eiwit (beeld: Jeanet Brandsma)
Van links naar rechts: Batenburg Marie 2169 (v. Shogun), Batenburg Galto 2177 (v. Fidelity) en Batenburg Ginster 2164 (v. Surprise) waren in één mpr samen goed voor een levensproductie van 30.000 kg vet en eiwit (beeld: Jeanet Brandsma)

Ze werden binnen een maand na elkaar geboren, kalfden binnen zes weken na elkaar voor de eerste keer af en overschreden bij dezelfde mpr een levensproductie van tien ton vet en eiwit. 

Batenburg Ginster 2164, Batenburg Marie 2169 en Batenburg Galto 2177, de negende, tiende en elfde tientonner van het bedrijf, vormen een bijzonder trio koeien op melkveebedrijf Batenbrug in Giethoorn.

Drie generaties Marie met tien ton

Wat de bijzondere gebeurtenis extra uniek maakt is het feit dat zowel de moeder als grootmoeder van de middelste van de drie, Marie 2169, ook al de tien ton en vet eiwit volmaakten. ‘De grootmoeder van deze koe kwam naar ons bedrijf in een koppel pinken die we aankochten als ontvangsters voor embryo’s’, vertelt fokker Peter Aalberts. ‘Deze dochter van Sunny Boy groeide uit tot een heel goede koe en werd in 2008 de eerste tientonner op ons bedrijf. Haar dochter van Newhouse Ronald, Marie 836, leverde vijf jaar later deze prestatie en zou uiteindelijk meer dan 11.000 kg vet en eiwit produceren. En nu is het dus de beurt aan Marie 2169, een dochter van Ponsstar Shogun.’ 

Marie 2169 realiseerde tot nu toe een levensproductie van 124.201 kg melk met 4,35% vet en 3,71% eiwit in 3.949 dagen. En daar kunnen nog de nodige liters bij komen, want Marie 2169 is drachtig en zal zonder tegenslag eind februari kalven van Delta Reloader.

Kleinste niet de minste

Ook Ginster 2164 (v. Surprise) lijkt nog niet aan het einde van haar carrière. Zij produceerde tot nu toe 133.455 kg melk met 4,08% vet en 3,42% eiwit en is eind december uitgerekend van de stier Delta Hilltop. ‘We melken van haar nog een jongere halfzus, die ook al 127.000 kg melk heeft geproduceerd’, voegt Aalberts toe.

Galto 2177 (v. Fidelity) is met een kruishoogte van 1,43 meter een van de kleinere koeien in de 300-koppige melkveestapel op het bedrijf. Maar ze is zeker niet de minste. In 3.840 dagen produceerde ze al 116.600 kg melk met 4,50% vet en niet minder dan 4,11% eiwit. ‘Zij kreeg in haar zevende lijst last van een dikke klauw’, vertelt Aalberts. ‘Ze was drachtig en hard op weg naar een levensproductie van 100.000 kg melk. We besloten haar niet af te voeren, maar vervroegd droog te zetten en een paar maanden in het land te laten lopen’, herinnert hij zich. Daar knapte ze zo goed van op dat ze nog twee lange lactaties aan haar levenstotaal toevoegde. Van een tiende lactatie zal het niet komen. Het is niet gelukt Galto opnieuw drachtig te krijgen.

Uit jonge moeders 

Aalberts, naast melkveehouder voorzitter van de stichting Fokken voor Levensduur, vertelt dat uit onderzoek is gebleken dat kalveren geboren uit pinken en vaarzen een grotere kans hebben om een levensproductie van 75.000 kg melk of meer te bereiken. ‘Een duidelijke verklaring hiervoor is er niet’, weet hij. ‘Maar het zou volgens de onderzoekers iets te maken kunnen hebben met de kwaliteit van het embryo die bij pinken en vaarzen beter zou kunnen zijn omdat ze minder melk produceren dan oudere koeien.’

Toeval of niet: de drie tientonners van melkveebedrijf Batenburg zijn geboren uit jonge koeien, zo heeft Aalberts teruggezocht. ‘Galto 2177 was het eerste kalfje van haar moeder, Ginster 2164 het tweede’, vertelt hij. ‘En Marie 2169 werd geboren uit een draagmoeder. Maar deze draagmoeder was dan wel een pink …’