Tot wel 25 procent variatie in fosforgehalte tankmelk


Melk uit West- en Noord-Nederland bevat minder fosfor dan melk uit Oost- en Zuid-Nederland
woensdag, 21 augustus, 2019

Het fosforgehalte in tankmelk van Nederlandse melkveebedrijven varieert flink. Tussen de hoogst en laagst scorende bedrijven is het verschil meer dan 25 procent. Dit blijkt uit een analyse die onderzoekslaboratorium Qlip (achteraf) heeft uitgevoerd op bijna 4 miljoen tankmelkmonsters uit 2017 en 2018.

Het gemiddelde gehalte in de monsters lag op 102,0 milligram fosfor per 100 gram melk. Dit komt goed overeen met de forfaitaire norm van de overheid van 101,2 milligram fosfor per 100 gram melk. In rantsoenberekeningen wordt de vuistregel gehanteerd dat 100 gram melk 100 milligram fosfor bevat.

Fosfor op tankmelkuitslag

Qlip heeft rekenformules ontwikkeld waarmee op basis van infraroodmetingen snel en relatief goedkoop het fosforgehalte in melk kan worden berekend. De meeste zuivelafnemers vermelden de uitkomst sinds begin dit jaar op de tankmelkuitslag. Hiermee hebben veehouders en adviseurs een hulpmiddel om scherper op de fosfornorm te voeren.

Jerseymelk meer fosfor

Met de ontwikkelde rekenregels heeft Qlip de opgeslagen infraroodprofielen uit 2017 en 2018 geanalyseerd. Het overgrote deel van de gemeten fosforgehalten lag tussen de 90 en 115 milligram per 100 gram melk. Op bedrijven met jerseykoeien was het fosforgehalte duidelijk hoger, met een gemiddelde van 115 milligram per 100 gram melk.

Ook variatie tussen regio’s

Het fosforgehalte varieert ook gedurende het jaar. In de zomer ligt het gemiddelde fosforgehalte op 98 milligram per 100 gram melk, in de winter op 104. Ten slotte vond Qlip verschillen tussen regio’s. Melk die is geproduceerd in het westen en noorden van Nederland bevat gemiddeld duidelijk minder fosfor dan melk uit het oosten en zuiden. De verschillen kunnen oplopen tot wel 6 milligram per 100 gram melk.

Sterke relatie met eiwit

Overigens blijkt de variatie in fosforgehalte voor een groot deel verklaard te kunnen worden door de variatie in eiwit- en – in veel mindere mate – vet- en lactosegehalte. Een achtergrondartikel over het meten van fosfor in tankmelk is te lezen in het augustusnummer van Veeteelt, dat eind deze week verschijnt.

 

 


0 reacties

Melk uit West- en Noord-Nederland bevat minder fosfor dan melk uit Oost- en Zuid-Nederland
woensdag, 21 augustus, 2019

Het fosforgehalte in tankmelk van Nederlandse melkveebedrijven varieert flink. Tussen de hoogst en laagst scorende bedrijven is het verschil meer dan 25 procent. Dit blijkt uit een analyse die onderzoekslaboratorium Qlip (achteraf) heeft uitgevoerd op bijna 4 miljoen tankmelkmonsters uit 2017 en 2018.

Het gemiddelde gehalte in de monsters lag op 102,0 milligram fosfor per 100 gram melk. Dit komt goed overeen met de forfaitaire norm van de overheid van 101,2 milligram fosfor per 100 gram melk. In rantsoenberekeningen wordt de vuistregel gehanteerd dat 100 gram melk 100 milligram fosfor bevat.

Fosfor op tankmelkuitslag

Qlip heeft rekenformules ontwikkeld waarmee op basis van infraroodmetingen snel en relatief goedkoop het fosforgehalte in melk kan worden berekend. De meeste zuivelafnemers vermelden de uitkomst sinds begin dit jaar op de tankmelkuitslag. Hiermee hebben veehouders en adviseurs een hulpmiddel om scherper op de fosfornorm te voeren.

Jerseymelk meer fosfor

Met de ontwikkelde rekenregels heeft Qlip de opgeslagen infraroodprofielen uit 2017 en 2018 geanalyseerd. Het overgrote deel van de gemeten fosforgehalten lag tussen de 90 en 115 milligram per 100 gram melk. Op bedrijven met jerseykoeien was het fosforgehalte duidelijk hoger, met een gemiddelde van 115 milligram per 100 gram melk.

Ook variatie tussen regio’s

Het fosforgehalte varieert ook gedurende het jaar. In de zomer ligt het gemiddelde fosforgehalte op 98 milligram per 100 gram melk, in de winter op 104. Ten slotte vond Qlip verschillen tussen regio’s. Melk die is geproduceerd in het westen en noorden van Nederland bevat gemiddeld duidelijk minder fosfor dan melk uit het oosten en zuiden. De verschillen kunnen oplopen tot wel 6 milligram per 100 gram melk.

Sterke relatie met eiwit

Overigens blijkt de variatie in fosforgehalte voor een groot deel verklaard te kunnen worden door de variatie in eiwit- en – in veel mindere mate – vet- en lactosegehalte. Een achtergrondartikel over het meten van fosfor in tankmelk is te lezen in het augustusnummer van Veeteelt, dat eind deze week verschijnt.

 

 

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.