Mest

Mestkoeling kan methaanuitstoot uit stallen sterk verminderen

De methaanemissie uit mest kan met 45 tot 89 procent afnemen afhankelijk van het gebruike koelingssysteem
De methaanemissie uit mest kan met 45 tot 89 procent afnemen afhankelijk van het gebruike koelingssysteem

Het actief koelen van mest in melkveestallen tot ongeveer 10 graden Celsius kan de methaanuitstoot uit mest aanzienlijk verlagen. Afhankelijk van het gebruikte koelingssysteem kan de methaanemissie uit mest met 45 tot 89 procent afnemen. 

Dat blijkt uit praktijkonderzoek van Wageningen Livestock Research in het kader van het programma Integraal Aanpakken. 

Drie verschillende mestkoelingssystemen

De onderzoekers testten drie verschillende mestkoelingssystemen. Uitgangspunt was dat de technieken zonder grote verbouwing toepasbaar zijn op gangbare bedrijven met traditionele mestkelders onder roostervloeren. 

De grootste reductie werd bereikt met een extern koelsysteem. Daarbij wordt mest uit de stal naar een externe opslagcontainer gepompt, waar deze actief wordt gekoeld, voordat de mest terugstroomt naar de mestkelder. Dit systeem realiseerde gemiddeld 89 procent minder methaanuitstoot uit mest.

Drijvende koelleidingen

Ook de twee andere systemen laten duidelijke reducties zien. Bij een systeem met drijvende koelleidingen vlak onder het mestoppervlak daalde de methaanemissie gemiddeld met 69 procent. Een derde variant, waarbij koelleidingen op de bodem van de mestkelder liggen, resulteerde in een reductie van ongeveer 45 procent.

Aandacht voor energie-efficiëntie nodig

De onderzoekers werken nu aan voorstellen om mestkoelingssystemen verder te verbeteren. Zo vormen volgens hen de snelle afvoer en het koelen van verse mest en urine, het reinigen van de vloer en het opslaan van mest in een buitenopslag samen een interessante ontwerprichting, ook voor ammoniak. 

Wel vraagt zo’n systeem om aandacht voor energie-efficiëntie. Zo lag het verbruik van energie bij het externe koelsysteem op zo’n 58.000 kWh per jaar. Het zou mooi zijn als veehouders de restwarmte die vrijkomt opnieuw kunnen benutten op het bedrijf, geven de onderzoekers aan.