Duitse Phönix investeert in Frans INRA 95-fokprogramma


Een kruislingkalf van een holsteinmoeder en een INRA 95-vader
woensdag, 3 augustus, 2022

Vijf leden van de Duitse ki-organisatie PhönixGroup gaan samenwerken met de Franse coöperatie Auriva Elevage in het vleesveefokprogramma.  In dat fokprogramma met de naam Yperios speelt het synthetische ras INRA 95 een belangrijke rol.

‘Auriva Elevage is een gezamenlijk fokprogramma van een aantal Franse lokale ki-organisaties en ki-dienstverleners. Gezamenlijk verrichten ze op jaarbasis ongeveer 400.000 eerste inseminaties’, zo legt Jürgen Hartman namens de PhönixGroup uit. ‘Via de samenwerking met Phönix kunnen de vleesveefokprogramma’s die gericht zijn op stieren voor de gebruikskruising op holstein, worden verbeterd. Zo zullen we helpen met het verzamelen van gegevens over geboortegemak en groei zodat er meer data komt en er beter selectie kan plaats vinden.’

Alternatief voor Belgisch witblauw

Het fokprogramma betreft acht Franse vleesrassen, maar het is PhönixGroup vooral te doen om het syntetisch ras INRA 95. ‘Het is goed een alternatief voor Belgisch Witblauw. Er zijn steeds meer Duitse melkveehouders die positieve ervaring hebben met INRA. Dankzij de samenwerking kunnen we nu rietjes van INRA-stieren inkopen voor dezelfde prijs als de Franse leden van Auriva’, zo legt Hartman een van de voordelen uit. Van de 400.000 eerste inseminaties die Auriva jaarlijks verricht, zijn er 150.000 holsteinrietjes. ‘Hierover zijn geen afspraken gemaakt, maar wellicht kan dat in de toekomst veranderen’, vertelt Hartman.

Wetgeving zorgt voor omslag

Belangrijk om de samenwerking aan te gaan is volgens Hartman de Duitse wetgeving waardoor per 1 januari 2023 (stier)kalveren pas vervoerd mogen worden wanneer ze 28 dagen oud zijn. ‘Dat zal consequenties geven in de sector. We verwachten dat als melkveehouders zo lang op hun stierkalveren moeten passen, ze wel willen dat de opfokkosten daarvan zo veel mogelijk worden vergoed. Gezonde, zware kruislingkalveren brengen na 4 weken meer op dan een holsteinkalf.’ Op dit moment lig het percentage gebruik van vleesstieren voor de gebruikskruising in Duitsland tussen de 15 en 20 procent.

RBB doet niet mee

Opvallend is dat maar vijf van de zes leden van de PhönixGroup de samenwerking aan gaan. KI-organisatie Rinderzucht Berlin Brandenburg (RBB)  heeft geen handtekening gezet. ‘RBB werkt nog vanuit het oude DDR tijdperk met een eigen, regionaal vleesras: de Uckermärker. Zij blijven inzetten om dit ras voor de gebruikskruising te promoten’, zo legt Hartman uit.


0 reacties

Een kruislingkalf van een holsteinmoeder en een INRA 95-vader
woensdag, 3 augustus, 2022

Vijf leden van de Duitse ki-organisatie PhönixGroup gaan samenwerken met de Franse coöperatie Auriva Elevage in het vleesveefokprogramma.  In dat fokprogramma met de naam Yperios speelt het synthetische ras INRA 95 een belangrijke rol.

‘Auriva Elevage is een gezamenlijk fokprogramma van een aantal Franse lokale ki-organisaties en ki-dienstverleners. Gezamenlijk verrichten ze op jaarbasis ongeveer 400.000 eerste inseminaties’, zo legt Jürgen Hartman namens de PhönixGroup uit. ‘Via de samenwerking met Phönix kunnen de vleesveefokprogramma’s die gericht zijn op stieren voor de gebruikskruising op holstein, worden verbeterd. Zo zullen we helpen met het verzamelen van gegevens over geboortegemak en groei zodat er meer data komt en er beter selectie kan plaats vinden.’

Alternatief voor Belgisch witblauw

Het fokprogramma betreft acht Franse vleesrassen, maar het is PhönixGroup vooral te doen om het syntetisch ras INRA 95. ‘Het is goed een alternatief voor Belgisch Witblauw. Er zijn steeds meer Duitse melkveehouders die positieve ervaring hebben met INRA. Dankzij de samenwerking kunnen we nu rietjes van INRA-stieren inkopen voor dezelfde prijs als de Franse leden van Auriva’, zo legt Hartman een van de voordelen uit. Van de 400.000 eerste inseminaties die Auriva jaarlijks verricht, zijn er 150.000 holsteinrietjes. ‘Hierover zijn geen afspraken gemaakt, maar wellicht kan dat in de toekomst veranderen’, vertelt Hartman.

Wetgeving zorgt voor omslag

Belangrijk om de samenwerking aan te gaan is volgens Hartman de Duitse wetgeving waardoor per 1 januari 2023 (stier)kalveren pas vervoerd mogen worden wanneer ze 28 dagen oud zijn. ‘Dat zal consequenties geven in de sector. We verwachten dat als melkveehouders zo lang op hun stierkalveren moeten passen, ze wel willen dat de opfokkosten daarvan zo veel mogelijk worden vergoed. Gezonde, zware kruislingkalveren brengen na 4 weken meer op dan een holsteinkalf.’ Op dit moment lig het percentage gebruik van vleesstieren voor de gebruikskruising in Duitsland tussen de 15 en 20 procent.

RBB doet niet mee

Opvallend is dat maar vijf van de zes leden van de PhönixGroup de samenwerking aan gaan. KI-organisatie Rinderzucht Berlin Brandenburg (RBB)  heeft geen handtekening gezet. ‘RBB werkt nog vanuit het oude DDR tijdperk met een eigen, regionaal vleesras: de Uckermärker. Zij blijven inzetten om dit ras voor de gebruikskruising te promoten’, zo legt Hartman uit.

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.