Fokkerij

Duitse veilingvaarzen fors goedkoper dan vorig jaar

In de eerste helft van 2026 verwisselden via fokveeveilingen duizend vaarzen meer van eigenaar dan in de eerste zes maanden vorig jaar (foto: OHG)
In de eerste helft van 2026 verwisselden via fokveeveilingen duizend vaarzen meer van eigenaar dan in de eerste zes maanden vorig jaar (foto: OHG)

De Duitse veilingprijzen van afgekalfde vaarzen lagen in de eerste helft van dit jaar duidelijk lager dan vorig jaar. Afnemers betaalden gemiddeld 2589 euro voor de ruim 8500 vaarzen die in de eerste zes maanden van 2026 via Duitse fokveeveilingen van eigenaar wisselden. 

Vorig jaar lag dat gemiddelde in de maanden januari tot en met juni op een recordbedrag van 2965 euro. Dat blijkt uit cijfers van het Duitse Bundesverband Rind und Schwein (BRS), dat maandelijks de prijzen op veilingen van ki- en stamboekorganisaties op een rij zet. 

Prijzen opvallend stabiel

De prijzen zijn dit jaar daarnaast opvallend stabiel. In maart waren de Duitse veilingvaarzen met 2643 euro gemiddeld het duurst. In januari leverden ze met gemiddeld 2547 euro het minst op. Ter vergelijking: in mei en juni vorig jaar schoot het veilinggemiddelde omhoog naar 3200 euro per vaars. 

De veilinggemiddelden van dit jaar liggen nog wel ruim boven die van de jaren 2022 tot en met 2024. Toen schommelde het gemiddelde rond de 2150 euro. 

Meer vaarzen verhandeld

Het aantal vaarzen dat via fokveeveilingen van eigenaar verandert, ligt dit jaar wel hoger dan vorig jaar. Over de eerste helft van dit jaar ging het om ruim 8500 vaarzen. Dat zijn er 1000 meer dan in de eerste zes maanden in 2025.