Sander de Roos: ‘Inteelt blijft aandachtspunt, geen reden tot zorg’


Sander de Roos: ‘De inteelttoename in de Nederlands-Vlaamse populatie ligt ruim onder de kritische grens’
woensdag, 10 juli, 2019

Het dagblad Trouw publiceerde vandaag een artikel waarin wordt gesteld dat inteelt in de Nederlandse koeienpopulatie een kritische grens overschrijdt. In het verhaal zijn een aantal feiten en cijfers door elkaar gehaald en daardoor worden er verkeerde conclusies getrokken. Sander de Roos, eindverantwoordelijk voor het fokprogramma van CRV BV, legt uit hoe het wel zit.

In het artikel wordt gesteld dat de mate van inteelt driemaal hoger is dan de norm. Heeft de journalist een punt?

‘Nee. De schrijver haalt twee begrippen door elkaar. Als het gaat om inteelt zijn namelijk twee cijfers van belang. Ten eerste is dat de inteeltgraad. Die geeft aan in hoeverre de ouders aan elkaar verwant zijn. De gemiddelde inteeltgraad van de holsteinkoeien in Nederland en Vlaanderen is op dit moment rond de 5 procent. Belangrijker dan de inteeltgraad is de inteelttoename. Dat wil zeggen het percentage waarmee de gemiddelde inteeltgraad in een jaar stijgt. De inteelttoename van de Nederlandse koeien ligt tussen de 0,10 en 0,20 per jaar.’

Maar het klopt toch dat inteelt nadelig is voor de vitaliteit van een ras?

‘Inteelt gaat inderdaad gepaard met inteeltdepressie. Dat wil zeggen dat dieren als gevolg van inteelt minder vitaal zijn. Uit onderzoek blijkt dat inteeltdepressie echter niet zozeer afhankelijk is van de absolute inteeltgraad, maar veel meer van het tempo waarin inteelt toeneemt. De FAO, de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties, hanteert een inteelttoename van maximaal 1 procent per generatie als een veilige grens voor de vitaliteit van een ras. Bij een generatie-interval van vier jaar komt dat neer op een maximale toename van 0,25 procent per jaar. Daar zitten we binnen de Nederlandse en Vlaamse holsteinpopulatie dus nog steeds ruim onder.’

'In het artikel in Trouw worden inteeltgraad en inteelttoename met elkaar verward. Gesteld wordt dat de inteeltgraad veel hoger is dan de veilige grens van de FAO. Dit is een onjuiste conclusie. De norm van de FAO geldt immers voor de inteelttoename.’

Hoeven we ons dus geen zorgen te maken?

‘Inteelt moet altijd een zorg zijn van veehouders en fokkerijorganisaties. Erfelijke vooruitgang bereik je door te fokken met de genetisch beste dieren. Hoe scherper je selecteert, hoe groter de kans op verwante paringen. Daarom moet er in een fokprogramma altijd aandacht zijn voor het beheersen van inteelt. De cijfers tonen aan dat ons dat nog steeds goed lukt.’

Inteelt wordt ook in verband gebracht met genomic selection. Is dat terecht?

‘Nee. Genomic selection zorgt ervoor dat we preciezer kunnen selecteren, waardoor we minder stieren hoeven in te zetten. We beperken de invloed van een stiervader nu tot één of enkele zonen waar in het verleden soms tientallen zonen van één vader werden ingezet. Ondanks het kleinere aantal ingezette stieren is de variatie in het aanbod niet kleiner geworden.’

Wat doet CRV BV om de toename van inteelt te beperken?

‘In het fokprogramma is bloedspreiding een belangrijk aandachtspunt. Van stieren en donoren met een beperkte verwantschap aan de Vlaams-Nederlandse koeienpopulatie accepteren we een lager genetisch niveau. En we zetten veel verschillende stiervaders in, zoals ook zichtbaar is in de variatie in afstamming van het huidige stierenaanbod.

‘Bij het bepalen van de verwantschapsgraad van fokdieren baseren we ons overigens niet alleen op afstamming, maar ook op het percentage verwante genen dat we, dankzij de techniek van genomic selection, exact in beeld hebben. Zo kunnen we nog preciezer werken aan de beheersing van inteelt. Met de paringsprogramma’s SAP en StierWijzer biedt CRV BV veehouders een hulpmiddel om in hun eigen veestapel paringen van verwante dieren te voorkomen.’

In het artikel wordt ook gesuggereerd dat de stieradviesprogramma’s paringen tussen neef en nicht zouden toestaan. Klopt dit?

‘Dit is feitelijk onjuist. Een neef-nichtparing heeft een inteeltgraad van 6,25 procent, terwijl de adviesprogramma’s maximaal 6,2 procent toestaan, juist om paringen tussen neef en nicht uit te sluiten. Veehouders die dat willen, kunnen binnen het adviesprogramma de grens voor inteelt trouwens nog veel verder aanscherpen.’

 

 

 


4 reacties

Sander de Roos: ‘De inteelttoename in de Nederlands-Vlaamse populatie ligt ruim onder de kritische grens’
woensdag, 10 juli, 2019

Het dagblad Trouw publiceerde vandaag een artikel waarin wordt gesteld dat inteelt in de Nederlandse koeienpopulatie een kritische grens overschrijdt. In het verhaal zijn een aantal feiten en cijfers door elkaar gehaald en daardoor worden er verkeerde conclusies getrokken. Sander de Roos, eindverantwoordelijk voor het fokprogramma van CRV BV, legt uit hoe het wel zit.

In het artikel wordt gesteld dat de mate van inteelt driemaal hoger is dan de norm. Heeft de journalist een punt?

‘Nee. De schrijver haalt twee begrippen door elkaar. Als het gaat om inteelt zijn namelijk twee cijfers van belang. Ten eerste is dat de inteeltgraad. Die geeft aan in hoeverre de ouders aan elkaar verwant zijn. De gemiddelde inteeltgraad van de holsteinkoeien in Nederland en Vlaanderen is op dit moment rond de 5 procent. Belangrijker dan de inteeltgraad is de inteelttoename. Dat wil zeggen het percentage waarmee de gemiddelde inteeltgraad in een jaar stijgt. De inteelttoename van de Nederlandse koeien ligt tussen de 0,10 en 0,20 per jaar.’

Maar het klopt toch dat inteelt nadelig is voor de vitaliteit van een ras?

‘Inteelt gaat inderdaad gepaard met inteeltdepressie. Dat wil zeggen dat dieren als gevolg van inteelt minder vitaal zijn. Uit onderzoek blijkt dat inteeltdepressie echter niet zozeer afhankelijk is van de absolute inteeltgraad, maar veel meer van het tempo waarin inteelt toeneemt. De FAO, de voedsel- en landbouworganisatie van de Verenigde Naties, hanteert een inteelttoename van maximaal 1 procent per generatie als een veilige grens voor de vitaliteit van een ras. Bij een generatie-interval van vier jaar komt dat neer op een maximale toename van 0,25 procent per jaar. Daar zitten we binnen de Nederlandse en Vlaamse holsteinpopulatie dus nog steeds ruim onder.’

'In het artikel in Trouw worden inteeltgraad en inteelttoename met elkaar verward. Gesteld wordt dat de inteeltgraad veel hoger is dan de veilige grens van de FAO. Dit is een onjuiste conclusie. De norm van de FAO geldt immers voor de inteelttoename.’

Hoeven we ons dus geen zorgen te maken?

‘Inteelt moet altijd een zorg zijn van veehouders en fokkerijorganisaties. Erfelijke vooruitgang bereik je door te fokken met de genetisch beste dieren. Hoe scherper je selecteert, hoe groter de kans op verwante paringen. Daarom moet er in een fokprogramma altijd aandacht zijn voor het beheersen van inteelt. De cijfers tonen aan dat ons dat nog steeds goed lukt.’

Inteelt wordt ook in verband gebracht met genomic selection. Is dat terecht?

‘Nee. Genomic selection zorgt ervoor dat we preciezer kunnen selecteren, waardoor we minder stieren hoeven in te zetten. We beperken de invloed van een stiervader nu tot één of enkele zonen waar in het verleden soms tientallen zonen van één vader werden ingezet. Ondanks het kleinere aantal ingezette stieren is de variatie in het aanbod niet kleiner geworden.’

Wat doet CRV BV om de toename van inteelt te beperken?

‘In het fokprogramma is bloedspreiding een belangrijk aandachtspunt. Van stieren en donoren met een beperkte verwantschap aan de Vlaams-Nederlandse koeienpopulatie accepteren we een lager genetisch niveau. En we zetten veel verschillende stiervaders in, zoals ook zichtbaar is in de variatie in afstamming van het huidige stierenaanbod.

‘Bij het bepalen van de verwantschapsgraad van fokdieren baseren we ons overigens niet alleen op afstamming, maar ook op het percentage verwante genen dat we, dankzij de techniek van genomic selection, exact in beeld hebben. Zo kunnen we nog preciezer werken aan de beheersing van inteelt. Met de paringsprogramma’s SAP en StierWijzer biedt CRV BV veehouders een hulpmiddel om in hun eigen veestapel paringen van verwante dieren te voorkomen.’

In het artikel wordt ook gesuggereerd dat de stieradviesprogramma’s paringen tussen neef en nicht zouden toestaan. Klopt dit?

‘Dit is feitelijk onjuist. Een neef-nichtparing heeft een inteeltgraad van 6,25 procent, terwijl de adviesprogramma’s maximaal 6,2 procent toestaan, juist om paringen tussen neef en nicht uit te sluiten. Veehouders die dat willen, kunnen binnen het adviesprogramma de grens voor inteelt trouwens nog veel verder aanscherpen.’

 

 

 

4 reacties


Reacties

Terechte vraag. Wetenschappers geven aan dat inteeltdepressie vooral wordt bepaald door de snelheid waarmee inteelt toeneemt en dat 0,25 procent toename per jaar een veilige grens is. In het erfelijk materiaal ontstaat namelijk ook spontaan weer nieuwe variatie. Zo lang inteelt in een populatie niet te snel toeneemt kan deze nieuwe variatie de negatieve gevolgen van inteelt opvangen.

Dat dagblad Trouw inteeltgraad en inteelttoename door elkaar halen is niet zo verwonderlijk, het is lastige materie. In die zin is de reactie van CRV correct. Van de WUR daarentegen mag je verwachten dat ze wel weten waar ze over praten. De recente WUR-publicatie 'Trends in diversity in the Dutch-Flemish Holstein-Friesian breeding program' geeft een nogal wat een ander beeld dan deze 'het-komt-allemaal-wel-goed-reactie' van CRV. In de eerste plaats stelt de WUR dat de inteelttoename in NL significant boven de veilige norm van de FAO (1% per generatie) ligt. Daarnaast constateert de WUR dat de introductie van genomic selection een substantiële (extra) toename van inteelt tot gevolg heeft gehad. Voor de goede orde, dit is geen anti-genomics-betoog. Immers, uiteindelijk gaat het, ook tav inteelt, om de keuzes in de te benutten fokdieren. Doordat dankzij genomics de superieure dieren eerder en nauwkeuriger in beeld komen, is de kans dat een fokkerijorganisatie in de 'inteeltval' loopt wel een stuk groter geworden. Echter, naast klimaatsceptici hebben we nu kennelijk ook inteeltsceptici.

Het WUR-onderzoek is met medewerking van CRV gedaan en nemen wij zeker serieus. Het is wel belangrijk om erop te wijzen dat het WUR onderzoek gaat over de inteelttoename bij STIEREN. Dit is iets totaal anders dan de inteelttoename bij de Nederlandse KOEIEN. Dit wordt vaak door elkaar gehaald.

REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.