Lactatiewaarde oudere koeien stijgt door aanpassing mpr-kengetallen


Ook de berekening van de netto-opbrengst, isk en bsk is geactualiseerd
vrijdag, 14 augustus, 2020

Door het aanpassen van de mpr-kengetallen per 1 september stijgt de lactatiewaarde van oudere koeien met gemiddeld vier punten.

Voor vaarzen zakt de lactatiewaarde juist met zo’n zes punten. Voor de tweedekalfsdieren blijven de lactatiewaarden ongeveer gelijk. 

Vaarzen overschat

CRV past de berekening van de mpr-kengetallen aan vanwege veranderingen in de melkproductie van vaarzen. De melkproductie en persistentie van eerstekalfsdieren is in de afgelopen jaren toegenomen. De melkgift van vaarzen is daardoor nu niet alleen absoluut hoger, maar ook relatief ten opzichte van latere lactaties. Dit betekent dat de netto-opbrengst van vaarzen wordt overschat. En omdat de gemiddelde lactatiewaarde van alle melkgevende dieren 100 is, worden de lactatiewaarden voor oudere dieren licht onderschat.

Bsk en netto-opbrengst dalen

Ook de berekening van de netto-opbrengst, isk en bsk is geactualiseerd. Op bedrijfsniveau zal de bsk gemiddeld dalen met een halve punt en de netto-opbrengst met zo’n vijf procent. De exacte veranderingen verschillen van bedrijf tot bedrijf en zijn afhankelijk van het aantal vaarzen dat aan de melk is.

Geen gevolgen voor rollend jaargemiddelde 

De aanpassing heeft geen effect op de berekening van de werkelijk geproduceerde hoeveelheid melk, het daarvan afgeleide rollend jaargemiddelde en het economisch jaarresultaat. Ook de 305-dagenproducties blijven gelijk. 
 


0 reacties

Ook de berekening van de netto-opbrengst, isk en bsk is geactualiseerd
vrijdag, 14 augustus, 2020

Door het aanpassen van de mpr-kengetallen per 1 september stijgt de lactatiewaarde van oudere koeien met gemiddeld vier punten.

Voor vaarzen zakt de lactatiewaarde juist met zo’n zes punten. Voor de tweedekalfsdieren blijven de lactatiewaarden ongeveer gelijk. 

Vaarzen overschat

CRV past de berekening van de mpr-kengetallen aan vanwege veranderingen in de melkproductie van vaarzen. De melkproductie en persistentie van eerstekalfsdieren is in de afgelopen jaren toegenomen. De melkgift van vaarzen is daardoor nu niet alleen absoluut hoger, maar ook relatief ten opzichte van latere lactaties. Dit betekent dat de netto-opbrengst van vaarzen wordt overschat. En omdat de gemiddelde lactatiewaarde van alle melkgevende dieren 100 is, worden de lactatiewaarden voor oudere dieren licht onderschat.

Bsk en netto-opbrengst dalen

Ook de berekening van de netto-opbrengst, isk en bsk is geactualiseerd. Op bedrijfsniveau zal de bsk gemiddeld dalen met een halve punt en de netto-opbrengst met zo’n vijf procent. De exacte veranderingen verschillen van bedrijf tot bedrijf en zijn afhankelijk van het aantal vaarzen dat aan de melk is.

Geen gevolgen voor rollend jaargemiddelde 

De aanpassing heeft geen effect op de berekening van de werkelijk geproduceerde hoeveelheid melk, het daarvan afgeleide rollend jaargemiddelde en het economisch jaarresultaat. Ook de 305-dagenproducties blijven gelijk. 
 

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.