Minister Schouten wil naar volledig grondgebonden melkveehouderij


Minister Schouten wil melkveehouders wel de mogelijkheid geven om grondgebondenheid in te vullen met bedrijfsspecifieke bemestingsnormen
dinsdag, 8 september, 2020

Landbouwminister Carola Schouten wil in het toekomstig mestbeleid scherp onderscheid maken tussen intensieve en extensieve bedrijven.

Intensieve veehouderijbedrijven zouden in de toekomst alle mest moeten afvoeren en laten verwerken terwijl de melkveehouderij volledig grondgebonden zou moeten worden. Dit stelt ze in een brief aan de Tweede Kamer waarin ze de contouren schetst van een toekomstig mestbeleid.

Meer eenvoud in regelgeving

De minister wijst er in haar brief op dat de grondkwaliteit in de afgelopen 25 jaar sterk verbeterd is maar dat op de uitspoelingsgevoelige zand- en lössgronden de norm van de Europese nitraatrichtlijn (minder dan 50 mg nitraat per liter) vaak nog niet overal worden gehaald. Daarnaast heeft ze geluisterd naar de roep van boeren om beleid voor de lange termijn en vereenvoudiging van regelgeving. Schouten denkt dat deze doelen te realiseren zijn met een volledig grondgebonden melkvee- en rundvleesveehouderij. Grondgebondenheid betekent volgens haar dat alle ruwvoer op eigen grond of in de directe omgeving wordt geproduceerd en dat mest weer wordt geplaatst op deze grond.

Grondgebondenheid als basis

‘Met dit als basis kan grondgebondenheid als einddoel verder worden ingevuld. Hierbij kan worden gedacht aan het in overeenstemming brengen van de mestproductie met de mestplaatsingsruimte, maar ook aan bijvoorbeeld een maximum aantal dieren en/of een maximale melkproductie per hectare’, schrijft ze. Daarbij wil ze de regelgeving voor extensieve bedrijven eenvoudig houden maar intensievere melkveehouders ook de mogelijkheid geven voor een bedrijfsspecifieke verantwoording van de mestboekhouding. ‘Dit vraagt om een sluitend systeem van registratie en die is er op dit moment nog niet’, merkt ze hierbij op.

Intensief, dan alle mest verwerken

Veehouders met varkens, pluimvee en vleeskalveren kunnen er in de plannen van de minister voor kiezen om ook volledig grondgebonden te worden. Als zij dit echter niet doen zullen ze alle mest van hun bedrijf moeten afvoeren en laten verwerken. De grond van deze bedrijven zal dan bemest kunnen worden met mest van grondgebonden bedrijven. Met deze maatregel verwacht Schouten dat de afvoer van mest beter geborgd kan worden. Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat de EU toestaat om producten van mestverwerking in te zetten als kunstmest. De minister vindt het overigens niet wenselijk als er melkveebedrijven komen die alle mest afvoeren.

De volledige brief aan de Tweede Kamer is hier te downloaden

Ook heeft het ministerie een overzicht van belangrijke vragen en antwoorden opgesteld. Klik hier om dit te lezen

 


0 reacties

Minister Schouten wil melkveehouders wel de mogelijkheid geven om grondgebondenheid in te vullen met bedrijfsspecifieke bemestingsnormen
dinsdag, 8 september, 2020

Landbouwminister Carola Schouten wil in het toekomstig mestbeleid scherp onderscheid maken tussen intensieve en extensieve bedrijven.

Intensieve veehouderijbedrijven zouden in de toekomst alle mest moeten afvoeren en laten verwerken terwijl de melkveehouderij volledig grondgebonden zou moeten worden. Dit stelt ze in een brief aan de Tweede Kamer waarin ze de contouren schetst van een toekomstig mestbeleid.

Meer eenvoud in regelgeving

De minister wijst er in haar brief op dat de grondkwaliteit in de afgelopen 25 jaar sterk verbeterd is maar dat op de uitspoelingsgevoelige zand- en lössgronden de norm van de Europese nitraatrichtlijn (minder dan 50 mg nitraat per liter) vaak nog niet overal worden gehaald. Daarnaast heeft ze geluisterd naar de roep van boeren om beleid voor de lange termijn en vereenvoudiging van regelgeving. Schouten denkt dat deze doelen te realiseren zijn met een volledig grondgebonden melkvee- en rundvleesveehouderij. Grondgebondenheid betekent volgens haar dat alle ruwvoer op eigen grond of in de directe omgeving wordt geproduceerd en dat mest weer wordt geplaatst op deze grond.

Grondgebondenheid als basis

‘Met dit als basis kan grondgebondenheid als einddoel verder worden ingevuld. Hierbij kan worden gedacht aan het in overeenstemming brengen van de mestproductie met de mestplaatsingsruimte, maar ook aan bijvoorbeeld een maximum aantal dieren en/of een maximale melkproductie per hectare’, schrijft ze. Daarbij wil ze de regelgeving voor extensieve bedrijven eenvoudig houden maar intensievere melkveehouders ook de mogelijkheid geven voor een bedrijfsspecifieke verantwoording van de mestboekhouding. ‘Dit vraagt om een sluitend systeem van registratie en die is er op dit moment nog niet’, merkt ze hierbij op.

Intensief, dan alle mest verwerken

Veehouders met varkens, pluimvee en vleeskalveren kunnen er in de plannen van de minister voor kiezen om ook volledig grondgebonden te worden. Als zij dit echter niet doen zullen ze alle mest van hun bedrijf moeten afvoeren en laten verwerken. De grond van deze bedrijven zal dan bemest kunnen worden met mest van grondgebonden bedrijven. Met deze maatregel verwacht Schouten dat de afvoer van mest beter geborgd kan worden. Een belangrijke voorwaarde hierbij is dat de EU toestaat om producten van mestverwerking in te zetten als kunstmest. De minister vindt het overigens niet wenselijk als er melkveebedrijven komen die alle mest afvoeren.

De volledige brief aan de Tweede Kamer is hier te downloaden

Ook heeft het ministerie een overzicht van belangrijke vragen en antwoorden opgesteld. Klik hier om dit te lezen

 

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.