Maisstengelboorder rukt op naar noordelijke streken


Boorgaten en boorresten duiden op aanwezigheid van de rups
maandag, 5 oktober, 2015

De maisstengelboorder, de rups van de nachtvlinder Ostrinia nubilalis, rukt op in Limburg en de Duitse grensstreek. Telers die het insect in de mais hebben waargenomen, doen er goed aan de stoppel na de oogst te kneuzen of te klepelen.

Uit onderzoek van gewasbeschermingsmiddelen-fabrikant DuPont blijkt dat in aangetaste percelen al 15 procent van de planten beschadigd is. Ten opzichte van vorig jaar neemt de schade bovendien toe.

Uit monitoring met feromoonvallen waarmee de vlinders worden gevangen blijkt dat deze in Duitsland inmiddels tot Münster opgerukt zijn. ‘Dit betekent dat het diertje zich in onze omgeving lijkt te vestigen’, aldus Wobbe van der Veen, technisch specialist gewasbescherming bij DuPont.

Herkennen en bestrijden

De rupsen van de mot vreten gangen in de stengel en kolfstelen, wat leidt tot legering van gewas, opbrengstderving en kwaliteitsverlies. Boorgaten en boorresten duiden op aanwezigheid van de rups en vaak is deze kort voor de oogst in de kolf te vinden. Door de legering knakken de planten halverwege. Dit wijten telers nogal eens ten onrechte aan windschade. Van der Veen: ‘Bij windschade is een vlakke breuk te zien en bij de maisstengelboorder zijn er boorgaten en boorsel te zien.’

‘Klepelen of kneuzen van de gewasstengel doodt een groot deel van de rupsen in de stoppel. Omdat de stoppel ook dienst doet als beschutting voor de rupsen, verkleint de kans op overleven’, geeft Van der Veen aan.

Hij raadt aan direct na de oogst de grondbewerking uit te voeren, omdat het perceel dan nog goed toegankelijk is. Inmiddels is er ook een insecticide voor de bestrijding van de rupsen beschikbaar. Toch pleit Van der Veen voor een gecombineerde aanpak van het insect met een goede stoppelbewerking. ‘Het voorkomt de opbouw van een schadelijke populatie. Wat er niet is, hoef je ook niet te bestrijden.’
 


0 reacties

Boorgaten en boorresten duiden op aanwezigheid van de rups
maandag, 5 oktober, 2015

De maisstengelboorder, de rups van de nachtvlinder Ostrinia nubilalis, rukt op in Limburg en de Duitse grensstreek. Telers die het insect in de mais hebben waargenomen, doen er goed aan de stoppel na de oogst te kneuzen of te klepelen.

Uit onderzoek van gewasbeschermingsmiddelen-fabrikant DuPont blijkt dat in aangetaste percelen al 15 procent van de planten beschadigd is. Ten opzichte van vorig jaar neemt de schade bovendien toe.

Uit monitoring met feromoonvallen waarmee de vlinders worden gevangen blijkt dat deze in Duitsland inmiddels tot Münster opgerukt zijn. ‘Dit betekent dat het diertje zich in onze omgeving lijkt te vestigen’, aldus Wobbe van der Veen, technisch specialist gewasbescherming bij DuPont.

Herkennen en bestrijden

De rupsen van de mot vreten gangen in de stengel en kolfstelen, wat leidt tot legering van gewas, opbrengstderving en kwaliteitsverlies. Boorgaten en boorresten duiden op aanwezigheid van de rups en vaak is deze kort voor de oogst in de kolf te vinden. Door de legering knakken de planten halverwege. Dit wijten telers nogal eens ten onrechte aan windschade. Van der Veen: ‘Bij windschade is een vlakke breuk te zien en bij de maisstengelboorder zijn er boorgaten en boorsel te zien.’

‘Klepelen of kneuzen van de gewasstengel doodt een groot deel van de rupsen in de stoppel. Omdat de stoppel ook dienst doet als beschutting voor de rupsen, verkleint de kans op overleven’, geeft Van der Veen aan.

Hij raadt aan direct na de oogst de grondbewerking uit te voeren, omdat het perceel dan nog goed toegankelijk is. Inmiddels is er ook een insecticide voor de bestrijding van de rupsen beschikbaar. Toch pleit Van der Veen voor een gecombineerde aanpak van het insect met een goede stoppelbewerking. ‘Het voorkomt de opbouw van een schadelijke populatie. Wat er niet is, hoef je ook niet te bestrijden.’
 

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.