Jos Groten: ‘Mais wordt niet voor niets al jaren op 75 cm geteeld’


Wageningse onderzoekers hebben afgelopen jaar de meerwaarde van het zogenoemde ‘ruitzaaien’ onderzocht
maandag, 16 januari, 2017

‘Met de 35 tot 40 kuub drijfmest die nu gemiddeld gegeven wordt, kan het belangrijker zijn dat de mest dicht bij de plant gebracht wordt of maisplanten anders verdeeld worden over het veld’, stelt Jos Groten, maisonderzoeker bij Wageningen UR.

Breng je de mais naar de mest, of de mest naar de mais? Het is een vraag die Wageningse onderzoekers bezighoudt nu de bemestingsnormen voor snijmaisteelt steeds scherper worden. Veeteelt besteedt aandacht aan maiszaaien en -bemesten in een special in het januarinummer. ‘Bij een drijfmestgift van 50, 60 kubieke meter per hectare kwamen er altijd wel voldoende nutriënten voor elke plant beschikbaar’, vertelt Jos Groten. Maar met de huidige bemestingsnormen kan dat toch anders zijn.

Proef met ruitzaaien

Door de beperking van het nutriëntenaanbod wordt er gezocht naar alternatieven. Ook het kringloopdenken vraagt een maximale benutting van de nutriënten. Onderzoekers uit Wageningen hebben daarom afgelopen jaar ook de meerwaarde van het zogenoemde ‘ruitzaaien’ onderzocht. Ruitzaaien is een vorm van breedwerpig zaaien waarbij de zaaimachine ervoor zorgt dat alle zaadjes zo goed mogelijk op dezelfde afstand, zowel in de lengte als in de breedte, van elkaar liggen. Bij honderdduizend zaden per hectare is de afstand tot elke plant ongeveer 34 cm.

Meer lichtconcurrentie

‘In de proef en in demo’s zagen we afgelopen jaar soms een snellere beginontwikkeling bij ruitzaaien dan bij de planten die op de traditionele afstand van 75 cm waren gezaaid. Maar de snellere beginontwikkeling was later bij de oogst niet altijd meetbaar. Wel is de voederwaarde meestal iets lager. Er was relatief meer plant, maar minder kolf en daardoor minder zetmeel’, stelt Groten, die wel de kanttekening maakt dat het hier nog maar om een eenjarig onderzoek gaat. ‘We willen de proef dit jaar herhalen. Uit ouder onderzoek naar plantverdeling kwam naar voren dat er bij ruitzaaien meer concurrentie is tussen planten op basis van licht dan op basis van nutriënten.’ 

Alternatieve zaaimethoden nauwelijks toegepast

Andere zaaimethoden, zoals deltazaaien of stereozaaien, waarbij twee rijen vlak naast elkaar worden gezaaid, worden volgens Groten nauwelijks meer toegepast. ‘De meerwaarde ervan werd eigenlijk nooit aangetoond. Dat mais al jaren geteeld wordt op 75 cm rijafstand, dat is niet voor niets. Blijkbaar geeft dat toch de beste resultaten qua opbrengst en voederwaarde en dit geeft de mogelijkheid om mest te plaatsen.’ 


0 reacties

Wageningse onderzoekers hebben afgelopen jaar de meerwaarde van het zogenoemde ‘ruitzaaien’ onderzocht
maandag, 16 januari, 2017

‘Met de 35 tot 40 kuub drijfmest die nu gemiddeld gegeven wordt, kan het belangrijker zijn dat de mest dicht bij de plant gebracht wordt of maisplanten anders verdeeld worden over het veld’, stelt Jos Groten, maisonderzoeker bij Wageningen UR.

Breng je de mais naar de mest, of de mest naar de mais? Het is een vraag die Wageningse onderzoekers bezighoudt nu de bemestingsnormen voor snijmaisteelt steeds scherper worden. Veeteelt besteedt aandacht aan maiszaaien en -bemesten in een special in het januarinummer. ‘Bij een drijfmestgift van 50, 60 kubieke meter per hectare kwamen er altijd wel voldoende nutriënten voor elke plant beschikbaar’, vertelt Jos Groten. Maar met de huidige bemestingsnormen kan dat toch anders zijn.

Proef met ruitzaaien

Door de beperking van het nutriëntenaanbod wordt er gezocht naar alternatieven. Ook het kringloopdenken vraagt een maximale benutting van de nutriënten. Onderzoekers uit Wageningen hebben daarom afgelopen jaar ook de meerwaarde van het zogenoemde ‘ruitzaaien’ onderzocht. Ruitzaaien is een vorm van breedwerpig zaaien waarbij de zaaimachine ervoor zorgt dat alle zaadjes zo goed mogelijk op dezelfde afstand, zowel in de lengte als in de breedte, van elkaar liggen. Bij honderdduizend zaden per hectare is de afstand tot elke plant ongeveer 34 cm.

Meer lichtconcurrentie

‘In de proef en in demo’s zagen we afgelopen jaar soms een snellere beginontwikkeling bij ruitzaaien dan bij de planten die op de traditionele afstand van 75 cm waren gezaaid. Maar de snellere beginontwikkeling was later bij de oogst niet altijd meetbaar. Wel is de voederwaarde meestal iets lager. Er was relatief meer plant, maar minder kolf en daardoor minder zetmeel’, stelt Groten, die wel de kanttekening maakt dat het hier nog maar om een eenjarig onderzoek gaat. ‘We willen de proef dit jaar herhalen. Uit ouder onderzoek naar plantverdeling kwam naar voren dat er bij ruitzaaien meer concurrentie is tussen planten op basis van licht dan op basis van nutriënten.’ 

Alternatieve zaaimethoden nauwelijks toegepast

Andere zaaimethoden, zoals deltazaaien of stereozaaien, waarbij twee rijen vlak naast elkaar worden gezaaid, worden volgens Groten nauwelijks meer toegepast. ‘De meerwaarde ervan werd eigenlijk nooit aangetoond. Dat mais al jaren geteeld wordt op 75 cm rijafstand, dat is niet voor niets. Blijkbaar geeft dat toch de beste resultaten qua opbrengst en voederwaarde en dit geeft de mogelijkheid om mest te plaatsen.’ 

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.