Zuivelfabrieken voelen niets voor systeem A- en B-melkprijzen


Alleen CZ Rouveen heeft gekozen voor een systeem met A- en B-melkprijzen
vrijdag, 12 april, 2013

De Nederlandse zuivelondernemingen lopen niet warm voor een systeem met A- en B-melkprijzen. In een op export gerichte markt zou beperking van het aanbod onvoordelig uitpakken voor het marktaandeel van Nederlandse zuivel.

De haalbaarheid van een segmentering in melkprijzen staat of valt met de positie in de markt, laat Piet Boer weten. De bestuursvoorzitter van FrieslandCampina legt uit: ‘Als wij uitsluitend Milner en Chocomel zouden produceren dan is het legitiem om een hogere aanvoer van ledenmelk te beheersen. Maar van de totale melkplas gaat nog altijd veertig procent in producten zonder merkpositie, denk aan melkpoeder, boter, dagverse melk onder privat label en foliekaas. Wij kunnen geen foliekaas verkopen voor een A- of een B-prijs, de markt maakt daar geen onderscheid in.’ Een hogere ‘A-prijs’ voor foliekaas zou concurrenten onherroepelijk in de kaart spelen, met verlies van marktaandeel tot gevolg.

Uitzondering CZ Rouveen

Tegen de stroom in kiest zuivelcoöperatie CZ Rouveen wel voor een systeem met A- en B-melkprijzen. Ruim 95 procent van de leden stemde daar in december mee in. ‘Wij wilden een eerlijk systeem waarbij een geleidelijke groeier niet opdraait voor de onstuimige groei van anderen’, vertelt Ben Wevers, directeur bij CZ Rouveen. Belangrijk onderscheid met andere melkafnemers is dat de kaasspecialiteiten van CZ Rouveen tot een nichemarkt behoren. Dat is een markt met producten die moeilijk zijn na te maken.

Lees in het hoofdverhaal van het eerste april-nummer van Veeteelt meer over het prijsmechanisme van A- en B-melkprijzen.


0 reacties

Alleen CZ Rouveen heeft gekozen voor een systeem met A- en B-melkprijzen
vrijdag, 12 april, 2013

De Nederlandse zuivelondernemingen lopen niet warm voor een systeem met A- en B-melkprijzen. In een op export gerichte markt zou beperking van het aanbod onvoordelig uitpakken voor het marktaandeel van Nederlandse zuivel.

De haalbaarheid van een segmentering in melkprijzen staat of valt met de positie in de markt, laat Piet Boer weten. De bestuursvoorzitter van FrieslandCampina legt uit: ‘Als wij uitsluitend Milner en Chocomel zouden produceren dan is het legitiem om een hogere aanvoer van ledenmelk te beheersen. Maar van de totale melkplas gaat nog altijd veertig procent in producten zonder merkpositie, denk aan melkpoeder, boter, dagverse melk onder privat label en foliekaas. Wij kunnen geen foliekaas verkopen voor een A- of een B-prijs, de markt maakt daar geen onderscheid in.’ Een hogere ‘A-prijs’ voor foliekaas zou concurrenten onherroepelijk in de kaart spelen, met verlies van marktaandeel tot gevolg.

Uitzondering CZ Rouveen

Tegen de stroom in kiest zuivelcoöperatie CZ Rouveen wel voor een systeem met A- en B-melkprijzen. Ruim 95 procent van de leden stemde daar in december mee in. ‘Wij wilden een eerlijk systeem waarbij een geleidelijke groeier niet opdraait voor de onstuimige groei van anderen’, vertelt Ben Wevers, directeur bij CZ Rouveen. Belangrijk onderscheid met andere melkafnemers is dat de kaasspecialiteiten van CZ Rouveen tot een nichemarkt behoren. Dat is een markt met producten die moeilijk zijn na te maken.

Lees in het hoofdverhaal van het eerste april-nummer van Veeteelt meer over het prijsmechanisme van A- en B-melkprijzen.

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.