Ruim 85 procent Vlaamse para-deelnemers scoort laag risico


Bedrijven die deelnemen aan de screening moeten alle lacterende runderen van meer dan 30 maanden oud individueel in het bloed of de melk onderzoeken op de aanwezigheid van antistoffen tegen paratuberculose
maandag, 15 september, 2014

Van de inmiddels 3000 Vlaamse rundveebedrijven die deelnemer zijn van het paratuberculoseprogramma en in afgelopen jaar een screening voor moesten doen, scoort 86 procent een laag risico. Dat maakt Diergezondheidszorg Vlaanderen (DGZ) bekend.

Bedrijven met een laag risico op ziektekiemen in de melk hadden geen of een beperkt aantal positieve dieren die binnen twee maanden werden afgevoerd. Op een kleine 70 procent van de bedrijven werd geen enkel positief dier gevonden.

Bedrijven die deelnemen aan de screening moeten alle lacterende runderen van meer dan 30 maanden oud individueel in het bloed of de melk onderzoeken op de aanwezigheid van antistoffen tegen paratuberculose. Positieve dieren dienen binnen een opgelegde opruimingsperiode rechtstreeks naar het slachthuis afgevoerd te worden.

Na twee jaar aan te tonen

Bij circa 35 procent van de deelnemers van het screeningsprogramma van paratuberculose waren bij de laatste screening één of meer dieren seropositief. Deze bedrijven wordt niet alleen aangeraden positieve dieren op te ruimen, maar ook managementmaatregelen te nemen. Bovendien waarschuwt DGZ dat antistoffen bij besmette dieren pas na twee tot drie jaar aantoonbaar zijn. Dat kan verrassingen bij een volgende screening geven. Het bewijs is 160 bedrijven die bij de vorige screening geen positieve dieren hadden en nu plots wel.


0 reacties

Bedrijven die deelnemen aan de screening moeten alle lacterende runderen van meer dan 30 maanden oud individueel in het bloed of de melk onderzoeken op de aanwezigheid van antistoffen tegen paratuberculose
maandag, 15 september, 2014

Van de inmiddels 3000 Vlaamse rundveebedrijven die deelnemer zijn van het paratuberculoseprogramma en in afgelopen jaar een screening voor moesten doen, scoort 86 procent een laag risico. Dat maakt Diergezondheidszorg Vlaanderen (DGZ) bekend.

Bedrijven met een laag risico op ziektekiemen in de melk hadden geen of een beperkt aantal positieve dieren die binnen twee maanden werden afgevoerd. Op een kleine 70 procent van de bedrijven werd geen enkel positief dier gevonden.

Bedrijven die deelnemen aan de screening moeten alle lacterende runderen van meer dan 30 maanden oud individueel in het bloed of de melk onderzoeken op de aanwezigheid van antistoffen tegen paratuberculose. Positieve dieren dienen binnen een opgelegde opruimingsperiode rechtstreeks naar het slachthuis afgevoerd te worden.

Na twee jaar aan te tonen

Bij circa 35 procent van de deelnemers van het screeningsprogramma van paratuberculose waren bij de laatste screening één of meer dieren seropositief. Deze bedrijven wordt niet alleen aangeraden positieve dieren op te ruimen, maar ook managementmaatregelen te nemen. Bovendien waarschuwt DGZ dat antistoffen bij besmette dieren pas na twee tot drie jaar aantoonbaar zijn. Dat kan verrassingen bij een volgende screening geven. Het bewijs is 160 bedrijven die bij de vorige screening geen positieve dieren hadden en nu plots wel.

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.