Oproep tot betere uniformering robotattentielijsten


Dierenartsen hebben behoefte aan uniforme attentielijsten uit robots
zaterdag, 4 juni, 2016

Voor dierenartsen en andere erfbetreders zou het erg welkom zijn wanneer er meer uniformering komt in de attentielijsten van de verschillende typen melkrobots.

‘Het wordt steeds relevanter voor dierenartsen om data die via robots beschikbaar komen, te gebruiken om de gezondheidsstatus van koeien en een bedrijf te beoordelen. Maar het is vaak lastig om de juiste gegevens boven water te halen, omdat elk merk robot eigen schermen en uitdraaien heeft’, zo vertelt Tine van Werven, als dierenarts verbonden aan het Universitaire Landbouwhuisdieren Praktijk (ULP) in Harmelen. ‘Robotfabrikanten zouden meer samen op moeten trekken om standaardlijsten en -kengetallen te maken. Op het mpr-formulier betekent het getal bsk voor iedere boer hetzelfde, terwijl in robotland een kengetal bij de ene robot anders gelezen moet worden dan bij de andere robot.’

Extra paar ogen en oren

Van Werven is betrokken bij de organisatie van een symposium over het gebruik van sensordata door rundveedierenartsen, dat op 23 juni in Leeuwarden plaatsvindt. ‘Een aantal dierenartsen heeft nog wat koudwatervrees om sensordata te gebruiken, maar steeds meer dierenartsen realiseren zich wat de meerwaarde ervan is. In onze praktijk werkt ruim 20 procent van de melkveehouders met een melkrobot. Met de informatie die daardoor beschikbaar komt, moet je iets doen. Afwijkingen in aantal melkingen, robotbezoek of activiteit kunnen aangeven dat er iets aan de hand is qua diergezondheid, zowel op koppel- als op dierniveau. Sensoren zijn een extra paar ogen en oren voor de dierenarts.’

Data beter leren lezen

Van Werven gelooft niet dat de opkomst van sensoren ervoor zorgt dat de rol van de dierenarts uitgespeeld raakt. ‘Sensordata kunnen helpen om eerder gezondheidsafwijkingen op te sporen, maar zieke dieren zullen nog wel behandeld moeten worden. Belangrijker nog is dat de extra informatie wel juist wordt geïnterpreteerd. Wat zegt een lagere vreetfrequentie op koppelniveau? Het op tijd signaleren van afwijkingen en daar het management op aanpassen kan wellicht ziekte voorkomen. Daar moeten nog wel stappen worden gemaakt en daar kan de dierenarts een rol in spelen, als bewaker van de diergezondheid.’


0 reacties

Dierenartsen hebben behoefte aan uniforme attentielijsten uit robots
zaterdag, 4 juni, 2016

Voor dierenartsen en andere erfbetreders zou het erg welkom zijn wanneer er meer uniformering komt in de attentielijsten van de verschillende typen melkrobots.

‘Het wordt steeds relevanter voor dierenartsen om data die via robots beschikbaar komen, te gebruiken om de gezondheidsstatus van koeien en een bedrijf te beoordelen. Maar het is vaak lastig om de juiste gegevens boven water te halen, omdat elk merk robot eigen schermen en uitdraaien heeft’, zo vertelt Tine van Werven, als dierenarts verbonden aan het Universitaire Landbouwhuisdieren Praktijk (ULP) in Harmelen. ‘Robotfabrikanten zouden meer samen op moeten trekken om standaardlijsten en -kengetallen te maken. Op het mpr-formulier betekent het getal bsk voor iedere boer hetzelfde, terwijl in robotland een kengetal bij de ene robot anders gelezen moet worden dan bij de andere robot.’

Extra paar ogen en oren

Van Werven is betrokken bij de organisatie van een symposium over het gebruik van sensordata door rundveedierenartsen, dat op 23 juni in Leeuwarden plaatsvindt. ‘Een aantal dierenartsen heeft nog wat koudwatervrees om sensordata te gebruiken, maar steeds meer dierenartsen realiseren zich wat de meerwaarde ervan is. In onze praktijk werkt ruim 20 procent van de melkveehouders met een melkrobot. Met de informatie die daardoor beschikbaar komt, moet je iets doen. Afwijkingen in aantal melkingen, robotbezoek of activiteit kunnen aangeven dat er iets aan de hand is qua diergezondheid, zowel op koppel- als op dierniveau. Sensoren zijn een extra paar ogen en oren voor de dierenarts.’

Data beter leren lezen

Van Werven gelooft niet dat de opkomst van sensoren ervoor zorgt dat de rol van de dierenarts uitgespeeld raakt. ‘Sensordata kunnen helpen om eerder gezondheidsafwijkingen op te sporen, maar zieke dieren zullen nog wel behandeld moeten worden. Belangrijker nog is dat de extra informatie wel juist wordt geïnterpreteerd. Wat zegt een lagere vreetfrequentie op koppelniveau? Het op tijd signaleren van afwijkingen en daar het management op aanpassen kan wellicht ziekte voorkomen. Daar moeten nog wel stappen worden gemaakt en daar kan de dierenarts een rol in spelen, als bewaker van de diergezondheid.’

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.