Verplichte ibr- en bvd-bestrijding laat wel erg lang op zich wachten


Nederland is in Europa lang niet meer het land met de hoogste gezondheidsstatus
maandag, 21 juli, 2014

Het zal helaas nog wel even duren voordat de dierziekten bvd en ibr daadwerkelijk uit de Nederlandse rundveesector zijn verdwenen.

Vorige week verstuurde LTO Nederland een erg optimistisch persbericht dat de sector dit jaar een campagne start om beide dierziekten uit te bannen. Maar wie de feiten op een rij zet, ziet dat het moment dat echt alle veehouders verplicht worden actief met ibr en bvd aan de slag te gaan nog zeker een jaar, wellicht nog langer, op zich laat wachten. Dat het zo lang duurt is spijtig, de wens om te werken aan een hoge landelijke gezondheidsstatus wordt toch al jaren uitgesproken.

Vaccinatiekosten nog onbekend

De bestrijding wordt momenteel tot in detail voorbereid om een herhaling van de mislukte ibr-campagne eind jaren negentig te voorkomen. Dat kost tijd. Veel tijd. Het enige dat de veehouder dit jaar zal merken is de start van een communicatiecampagne. Een campagne die andermaal moet uitleggen welk dierenleed de beide ziekten veroorzaken en wat het per dier en per bedrijf kost bij een uitbraak. Het is maar zeer de vraag of er in deze campagne al gesproken gaat worden hoe de bestrijding er praktisch uit komt te zien. Welke bedrijven moeten vaccineren, vanaf wanneer wordt deelname aan het programma verplicht en wie draagt bij en welke kosten? Het zijn vragen waarover een werkgroep met specialisten zich nu nog altijd buigt.

Pilot in Zeeuws-Vlaanderen

Natuurlijk mag het niet nog eens mis gaan. En ja, er moet haarfijn uitgezocht worden aan welke regels een bvd-bestrijdingsprogramma moet voldoen om bij de Europese Commissie in aanmerking te komen voor een internationaal erkende certificering. Een goede voorbereiding is van wezenlijk belang. In Zeeuws-Vlaanderen, waar veel dierverkeer is met zuiderbuur België, start dit jaar nog een proef voor de bestrijding van bvd. De verrichtingen op het redelijk geïsoleerd liggende Zeeuws-Vlaanderen worden nauwlettend gevolgd en de uitkomsten kunnen van dienst zijn wanneer het nationale bestrijdingsplan daadwerkelijk van start gaat.

Daar waar Duitsland (ibr) en België (ibr en vergevorderde plannen voor bvd) al voortvarend aan de slag zijn met hun bestrijdingsprogramma’s, daar is de Nederlandse sector vooral bezig met plannen uitwerken, een pilotproef opzetten en juridische haken en ogen napluizen.

Het belang van een hoge diergezondheidstatus van de Nederlandse rundveestapel is enorm. Is het echt nodig dat de voorbereidingen zo veel tijd vergen?



Nederland is in Europa lang niet meer het land met de hoogste gezondheidsstatus
maandag, 21 juli, 2014

Het zal helaas nog wel even duren voordat de dierziekten bvd en ibr daadwerkelijk uit de Nederlandse rundveesector zijn verdwenen.

Vorige week verstuurde LTO Nederland een erg optimistisch persbericht dat de sector dit jaar een campagne start om beide dierziekten uit te bannen. Maar wie de feiten op een rij zet, ziet dat het moment dat echt alle veehouders verplicht worden actief met ibr en bvd aan de slag te gaan nog zeker een jaar, wellicht nog langer, op zich laat wachten. Dat het zo lang duurt is spijtig, de wens om te werken aan een hoge landelijke gezondheidsstatus wordt toch al jaren uitgesproken.

Vaccinatiekosten nog onbekend

De bestrijding wordt momenteel tot in detail voorbereid om een herhaling van de mislukte ibr-campagne eind jaren negentig te voorkomen. Dat kost tijd. Veel tijd. Het enige dat de veehouder dit jaar zal merken is de start van een communicatiecampagne. Een campagne die andermaal moet uitleggen welk dierenleed de beide ziekten veroorzaken en wat het per dier en per bedrijf kost bij een uitbraak. Het is maar zeer de vraag of er in deze campagne al gesproken gaat worden hoe de bestrijding er praktisch uit komt te zien. Welke bedrijven moeten vaccineren, vanaf wanneer wordt deelname aan het programma verplicht en wie draagt bij en welke kosten? Het zijn vragen waarover een werkgroep met specialisten zich nu nog altijd buigt.

Pilot in Zeeuws-Vlaanderen

Natuurlijk mag het niet nog eens mis gaan. En ja, er moet haarfijn uitgezocht worden aan welke regels een bvd-bestrijdingsprogramma moet voldoen om bij de Europese Commissie in aanmerking te komen voor een internationaal erkende certificering. Een goede voorbereiding is van wezenlijk belang. In Zeeuws-Vlaanderen, waar veel dierverkeer is met zuiderbuur België, start dit jaar nog een proef voor de bestrijding van bvd. De verrichtingen op het redelijk geïsoleerd liggende Zeeuws-Vlaanderen worden nauwlettend gevolgd en de uitkomsten kunnen van dienst zijn wanneer het nationale bestrijdingsplan daadwerkelijk van start gaat.

Daar waar Duitsland (ibr) en België (ibr en vergevorderde plannen voor bvd) al voortvarend aan de slag zijn met hun bestrijdingsprogramma’s, daar is de Nederlandse sector vooral bezig met plannen uitwerken, een pilotproef opzetten en juridische haken en ogen napluizen.

Het belang van een hoge diergezondheidstatus van de Nederlandse rundveestapel is enorm. Is het echt nodig dat de voorbereidingen zo veel tijd vergen?



Reacties

Ik ben het er helemaal mee eens dat je ibr en bvd moet bestrijden. Maar dan moet je ook direct een importstop voor nuchtere kalveren invoeren , doe je dit niet dan heeft enten geen enkele zin .

REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.
You must have Javascript enabled to use this form.