GES neemt data vierde en vijfde lactatie mee in fokwaardeschatting


Het meenemen van de data uit de vierde en vijfde lactaties zorgt ervoor dat de hoeveelheid data in de fokwaardeschatting fors stijgt
dinsdag, 28 maart, 2017

Met ingang van de aprildraai neemt GES ook de proefmelkingen in de vierde en vijfde lactatie mee bij het berekenen van de fokwaarden voor melkproductie.

Tot nu toe gebruikte GES alleen data uit de eerste drie lactaties. ‘Er is behoefte om groepen dochters ook in latere lactaties te volgen. We willen weten of ze nog beter gaan presteren als ze ouder worden. We doen dat ook omdat de wens is dat koeien ouder worden’, legt Gerben de Jong uit tijdens een persbijeenkomst van GES. De Jong is hoofd van de Animal Evaluation Unit van CRV die de fokwaardeschatting voor GES uitvoert.

30 miljoen lactaties

Het meenemen van de data uit de vierde en vijfde lactaties zorgt ervoor dat de hoeveelheid data in de fokwaardeschatting fors stijgt. Zo neemt het aantal lactaties dat meegenomen wordt van 23,7 miljoen naar 30,0 miljoen. Ook verandert de weging in de totaalfokwaarde melkproductie door het toevoegen van de vierde en de vijfde lactatie. De vaarzenlactatie wordt nu relatief minder zwaar ingewogen.

Nieuw is ook dat GES voortaan proefmelkingen meetelt van koeien die tussen de 335 en 420 dagen in lactatie zijn. ‘Steeds meer koeien maken een lijst van meer dan 335 dagen. Die gegevens willen we daarom ook meenemen in de fokwaardeschatting. Wel blijven de fokwaarden voor melkproductie gebaseerd op 305 dagen.’

Op de rangschikking op melkproductiefokwaarden hebben de veranderingen nauwelijks effect, stelt De Jong. ‘Dat komt omdat de correlatie tussen de verschillende lactaties hoog is, tussen de 0,90 en 0,98.’

Gegevens klinische mastitis Uniform Agri

Vanaf april neemt GES ook extra gegevens over klinische mastitis mee in de fokwaarde uiergezondheid. Vanaf april 2016 maakt GES al gebruik van gegevens over klinische mastitis die veehouders registreren in het programma Veemanager van CRV. Nu komen daar mastitisdata van Uniform Agri bij. GES beschikt inmiddels over 1,38 miljoen records van koeien waarvan vaststaat of ze wel of niet klinische mastitis hadden.  

Door het toevoegen van de data neemt de betrouwbaarheid van de fokwaarde uiergezondheid gemiddeld toe met 0,3 procent. Voor individuele stieren kan de betrouwbaarheid toenemen met drie tot vijf procent.

Fokdoeldiscussie

De Jong blikte tijdens de persbijeenkomst ook alvast vooruit. Zo vindt er momenteel een discussie over het fokdoel plaats. De uitkomsten daarvan kunnen leiden tot het aanpassen van de NVI.

GES werkt daarnaast aan een nieuw model voor de fokwaarde levensduur, waardoor de fokwaarde stabieler wordt. Ook doet GES aan de hand van data uit melkrobots onderzoek naar het laten schieten van de melk. ‘We willen kijken of er verschillen zijn tussen stieren, zodat we daar fokwaarden voor kunnen berekenen’, geeft De Jong aan.

Stofwisselingsziekten

GES onderzoekt ook of het mogelijk is fokwaarden te schatten voor een aantal diergezondheidskenmerken, waaronder aandoeningen aan geslachtsorganen en stofwisselingsziekten.

 


0 reacties

Het meenemen van de data uit de vierde en vijfde lactaties zorgt ervoor dat de hoeveelheid data in de fokwaardeschatting fors stijgt
dinsdag, 28 maart, 2017

Met ingang van de aprildraai neemt GES ook de proefmelkingen in de vierde en vijfde lactatie mee bij het berekenen van de fokwaarden voor melkproductie.

Tot nu toe gebruikte GES alleen data uit de eerste drie lactaties. ‘Er is behoefte om groepen dochters ook in latere lactaties te volgen. We willen weten of ze nog beter gaan presteren als ze ouder worden. We doen dat ook omdat de wens is dat koeien ouder worden’, legt Gerben de Jong uit tijdens een persbijeenkomst van GES. De Jong is hoofd van de Animal Evaluation Unit van CRV die de fokwaardeschatting voor GES uitvoert.

30 miljoen lactaties

Het meenemen van de data uit de vierde en vijfde lactaties zorgt ervoor dat de hoeveelheid data in de fokwaardeschatting fors stijgt. Zo neemt het aantal lactaties dat meegenomen wordt van 23,7 miljoen naar 30,0 miljoen. Ook verandert de weging in de totaalfokwaarde melkproductie door het toevoegen van de vierde en de vijfde lactatie. De vaarzenlactatie wordt nu relatief minder zwaar ingewogen.

Nieuw is ook dat GES voortaan proefmelkingen meetelt van koeien die tussen de 335 en 420 dagen in lactatie zijn. ‘Steeds meer koeien maken een lijst van meer dan 335 dagen. Die gegevens willen we daarom ook meenemen in de fokwaardeschatting. Wel blijven de fokwaarden voor melkproductie gebaseerd op 305 dagen.’

Op de rangschikking op melkproductiefokwaarden hebben de veranderingen nauwelijks effect, stelt De Jong. ‘Dat komt omdat de correlatie tussen de verschillende lactaties hoog is, tussen de 0,90 en 0,98.’

Gegevens klinische mastitis Uniform Agri

Vanaf april neemt GES ook extra gegevens over klinische mastitis mee in de fokwaarde uiergezondheid. Vanaf april 2016 maakt GES al gebruik van gegevens over klinische mastitis die veehouders registreren in het programma Veemanager van CRV. Nu komen daar mastitisdata van Uniform Agri bij. GES beschikt inmiddels over 1,38 miljoen records van koeien waarvan vaststaat of ze wel of niet klinische mastitis hadden.  

Door het toevoegen van de data neemt de betrouwbaarheid van de fokwaarde uiergezondheid gemiddeld toe met 0,3 procent. Voor individuele stieren kan de betrouwbaarheid toenemen met drie tot vijf procent.

Fokdoeldiscussie

De Jong blikte tijdens de persbijeenkomst ook alvast vooruit. Zo vindt er momenteel een discussie over het fokdoel plaats. De uitkomsten daarvan kunnen leiden tot het aanpassen van de NVI.

GES werkt daarnaast aan een nieuw model voor de fokwaarde levensduur, waardoor de fokwaarde stabieler wordt. Ook doet GES aan de hand van data uit melkrobots onderzoek naar het laten schieten van de melk. ‘We willen kijken of er verschillen zijn tussen stieren, zodat we daar fokwaarden voor kunnen berekenen’, geeft De Jong aan.

Stofwisselingsziekten

GES onderzoekt ook of het mogelijk is fokwaarden te schatten voor een aantal diergezondheidskenmerken, waaronder aandoeningen aan geslachtsorganen en stofwisselingsziekten.

 

0 reacties



REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.