Grote koppels dagelijks omweiden


Koppels tot 500 koeien weiden in Nieuw-Zeeland is geen uitzondering
woensdag, 2 maart, 2016

Grote koppels weiden spreekt altijd tot de verbeelding en is vaak een discussiepunt in Nederland. De laatste weken kreeg ik ook nog wat mails en reacties vanuit Nederland: kijk in Nieuw-Zeeland nog eens naar het weiden van de grote koppels, hoe doen ze dat nu?

Ik stelde, op jacht naar tips, de vraag direct aan een van de weideconsultants. Zijn reactie was anders dan verwacht. ‘Hebben we daar speciale adviezen voor?’ Hij gaf er mee aan hoe ‘gewoon’ het eigenlijk is om hier 400 tot 500 koeien in één groep te weiden. Dat is wat we ook in Nederland zien; wat is groot? Het wordt vooral bepaald door je eigen kaders...

Minimaal vijf meter brede kavelpaden

Wat wel direct opvalt bij het bezoeken van bedrijven die grote koppels weiden zijn de grote brede kavelpaden. Ze zijn rond (voor de afvoer van water) en eigenlijk alle percelen zijn toegankelijk vanaf een verhard pad. Op die investering worden hier weinig concessies gedaan. Alle paden zijn minimaal vijf meter breed (tot 120 koeien) en per 100 koeien een halve meter breder. Kijk hier voor normen en tips.

Kavelpaden zijn in Nieuw-Zeeland minimaal 5 meter breed
Kavelpaden zijn in Nieuw-Zeeland minimaal 5 meter breed

Ingang perceel zo breed als kavelpad

Bij voorkeur zijn de percelen hier ook nog benaderbaar via een aparte ingang en een aparte uitgang. Op veel bedrijven met een ‘centrale beregening’  lopen de percelen in een punt wat niet gunstig is voor regelmatig koeverkeer. Je ziet op veel bedrijven daarom een soort rondweg midden in de kavel, Hierdoor lopen de percelen minder op een spitse taartpunt uit en is er geen concentratie van het koeverkeer op één punt. Een voorbeeld vindt u hier via de plattegrond van bedrijf DunLac.

De plattegrond van DunLac laat een ‘rondweg’ door het midden van de

Het bedrijf DunLac heeft een echte rondweg (roze lijn) aangelegd voor optimaal koeverkeer

Streven is om elke reis naar of van een perceel maximaal 1000 meter te laten zijn. Want dat is dan maximaal vier kilometer lopen per dag.

De ingangen van percelen zijn minimaal zo breed als het kavelpad en bij veel percelen zie je een soort V-ingang (bekijk hier de foto). Dat maakt het voor de koeien, maar ook voor machines veel makkelijker om in en uit te rijden.

De V-ingang maakt het voor de koeien makkelijker om het perceel in en uit te gaan
De V-ingang maakt het voor de koeien makkelijker om het perceel in en uit te gaan

Grasaanbod binnen een dag op

Belangrijk bij het weiden van grote koppels is ook de aangeboden hoeveelheid gras zo snel mogelijk −liefst binnen een dag− op laten vreten. De voordelen hiervan zijn dat het minder vertrapping geeft, maar nog belangrijker, het geeft constante opname en graskwaliteit. Het laatste gras is namelijk altijd iets minder smakelijk en minder van kwaliteit en het kost moeite om te laten vreten. Dat is binnen een 24-uurscyclus niet zo erg, maar wel over meerdere dagen. Als er meerdere groepen zijn en het perceel is niet in één keer leeg, dan werken ze met een draad om precies per dag genoeg te geven. Het kan zijn dat ze voor drie uur nog een andere stuk(je) gras geven omdat er te weinig gras was. Alles moet altijd eerst op!

Koppel opdelen en divers weiden

Een bedrijf met bijvoorbeeld 1500 koeien melken ze hier in drie kuddes: vaarzen en schralere koeien in één groep (iets royaler weiden, minder concurrentie), de oudere koeien in één groep (gebruikt om lekker ‘straf te weiden’) en dan nog één groep met aandachtskoeien (vers, ziek, kreupel, mastitis, enzovoort, deze royaal weiden). Deze manier van werken geeft meer melk en een betere conditie van de koeien.

500 koeien in een groep weiden

Het onderverdelen van koppels wat hier in Nieuw-Zeeland wordt gedaan, leert volgens mij waar het optimum ligt. Regelmatig heb ik bedrijven gezien waar 1500 koeien zijn. Die worden dan veelal opgedeeld tot koppels van maximaal 500. Waarom? Nog grotere kuddes dan 500 koeien geeft te lange wachttijden bij het melken. En te grote kuddes geeft te veel tijd tussen melken en goed gras... Want de koeien die als laatste worden gemolken krijgen niet het beste gras, dat hebben vaak de anderen al op. Ook kun je de koppel die wat royaler gevoerd moet worden minder ver laten lopen als de ‘grote’ koppel.

Resumerend is het optimum voor koppelgrote bij beweiden dus vooral afhankelijk van de snelheid van melken en de snelheid van goed gras kunnen vreten en daarmee de ‘minsten’ in de koppel voldoende goed kunnen voeren. Als je kijkt naar 500 koeien in één groep weiden, dan is er in Nederland nog heel wat ruimte voor grotere koppels. Mits je maar iedere dag een ander perceel weidt en hebt geïnvesteerd in een goede infrastructuur.



Koppels tot 500 koeien weiden in Nieuw-Zeeland is geen uitzondering
woensdag, 2 maart, 2016

Grote koppels weiden spreekt altijd tot de verbeelding en is vaak een discussiepunt in Nederland. De laatste weken kreeg ik ook nog wat mails en reacties vanuit Nederland: kijk in Nieuw-Zeeland nog eens naar het weiden van de grote koppels, hoe doen ze dat nu?

Ik stelde, op jacht naar tips, de vraag direct aan een van de weideconsultants. Zijn reactie was anders dan verwacht. ‘Hebben we daar speciale adviezen voor?’ Hij gaf er mee aan hoe ‘gewoon’ het eigenlijk is om hier 400 tot 500 koeien in één groep te weiden. Dat is wat we ook in Nederland zien; wat is groot? Het wordt vooral bepaald door je eigen kaders...

Minimaal vijf meter brede kavelpaden

Wat wel direct opvalt bij het bezoeken van bedrijven die grote koppels weiden zijn de grote brede kavelpaden. Ze zijn rond (voor de afvoer van water) en eigenlijk alle percelen zijn toegankelijk vanaf een verhard pad. Op die investering worden hier weinig concessies gedaan. Alle paden zijn minimaal vijf meter breed (tot 120 koeien) en per 100 koeien een halve meter breder. Kijk hier voor normen en tips.

Kavelpaden zijn in Nieuw-Zeeland minimaal 5 meter breed
Kavelpaden zijn in Nieuw-Zeeland minimaal 5 meter breed

Ingang perceel zo breed als kavelpad

Bij voorkeur zijn de percelen hier ook nog benaderbaar via een aparte ingang en een aparte uitgang. Op veel bedrijven met een ‘centrale beregening’  lopen de percelen in een punt wat niet gunstig is voor regelmatig koeverkeer. Je ziet op veel bedrijven daarom een soort rondweg midden in de kavel, Hierdoor lopen de percelen minder op een spitse taartpunt uit en is er geen concentratie van het koeverkeer op één punt. Een voorbeeld vindt u hier via de plattegrond van bedrijf DunLac.

De plattegrond van DunLac laat een ‘rondweg’ door het midden van de

Het bedrijf DunLac heeft een echte rondweg (roze lijn) aangelegd voor optimaal koeverkeer

Streven is om elke reis naar of van een perceel maximaal 1000 meter te laten zijn. Want dat is dan maximaal vier kilometer lopen per dag.

De ingangen van percelen zijn minimaal zo breed als het kavelpad en bij veel percelen zie je een soort V-ingang (bekijk hier de foto). Dat maakt het voor de koeien, maar ook voor machines veel makkelijker om in en uit te rijden.

De V-ingang maakt het voor de koeien makkelijker om het perceel in en uit te gaan
De V-ingang maakt het voor de koeien makkelijker om het perceel in en uit te gaan

Grasaanbod binnen een dag op

Belangrijk bij het weiden van grote koppels is ook de aangeboden hoeveelheid gras zo snel mogelijk −liefst binnen een dag− op laten vreten. De voordelen hiervan zijn dat het minder vertrapping geeft, maar nog belangrijker, het geeft constante opname en graskwaliteit. Het laatste gras is namelijk altijd iets minder smakelijk en minder van kwaliteit en het kost moeite om te laten vreten. Dat is binnen een 24-uurscyclus niet zo erg, maar wel over meerdere dagen. Als er meerdere groepen zijn en het perceel is niet in één keer leeg, dan werken ze met een draad om precies per dag genoeg te geven. Het kan zijn dat ze voor drie uur nog een andere stuk(je) gras geven omdat er te weinig gras was. Alles moet altijd eerst op!

Koppel opdelen en divers weiden

Een bedrijf met bijvoorbeeld 1500 koeien melken ze hier in drie kuddes: vaarzen en schralere koeien in één groep (iets royaler weiden, minder concurrentie), de oudere koeien in één groep (gebruikt om lekker ‘straf te weiden’) en dan nog één groep met aandachtskoeien (vers, ziek, kreupel, mastitis, enzovoort, deze royaal weiden). Deze manier van werken geeft meer melk en een betere conditie van de koeien.

500 koeien in een groep weiden

Het onderverdelen van koppels wat hier in Nieuw-Zeeland wordt gedaan, leert volgens mij waar het optimum ligt. Regelmatig heb ik bedrijven gezien waar 1500 koeien zijn. Die worden dan veelal opgedeeld tot koppels van maximaal 500. Waarom? Nog grotere kuddes dan 500 koeien geeft te lange wachttijden bij het melken. En te grote kuddes geeft te veel tijd tussen melken en goed gras... Want de koeien die als laatste worden gemolken krijgen niet het beste gras, dat hebben vaak de anderen al op. Ook kun je de koppel die wat royaler gevoerd moet worden minder ver laten lopen als de ‘grote’ koppel.

Resumerend is het optimum voor koppelgrote bij beweiden dus vooral afhankelijk van de snelheid van melken en de snelheid van goed gras kunnen vreten en daarmee de ‘minsten’ in de koppel voldoende goed kunnen voeren. Als je kijkt naar 500 koeien in één groep weiden, dan is er in Nederland nog heel wat ruimte voor grotere koppels. Mits je maar iedere dag een ander perceel weidt en hebt geïnvesteerd in een goede infrastructuur.



Reacties

Maximale benutting en opbrengst van gras is de koeien zelf het gras laten ophalen en het overgrote deel van de mest zelf weg laten brengen. Het gras moet nooit te lang zijn, anders draad spannen om gras goed op te laten vreten. Grote van koppel is niet beperkend, de infrastructuur wel.

REAGEER

Veeteelt stelt het erg op prijs dat je wilt reageren op een bericht. Vul hieronder je volledige naam (voor- en achternaam) en je emailadres in. Je reactie wordt dan meteen geplaatst. Wil je niet elke keer je naam en emailadres invullen? Dan kun je je eenmalig registreren. Zo ontstaat een omgeving waarin iedereen op een respectvolle manier kan reageren in plaats van anoniem afreageren.